Interview André Jurjus, directeur Netbeheer Nederland: “Wij willen kunnen voorspellen, verslimmen en verzwaren.”

De energietransitie staat of valt met de kwaliteit van het energienet. Directeur André Jurjus van Netbeheer Nederland weet wat er nodig is om dat net geen remmende factor te laten zijn. Het begint allemaal, benadrukt hij, met de noodzaak om enigszins flexibel te kunnen opereren. Vandaar dat Netbeheer Nederland, vereniging van alle netbeheerders, hierop blijft tamboereren. “Wij willen kunnen voorspellen, verslimmen en verzwaren.”

Er is momenteel veel media-aandacht voor initiatieven waarbij organisaties voorlopig helaas geen netaansluiting voor zonnepanelen kunnen krijgen. Hoe staat Netbeheer Nederland hierin?
André Jurjus: “Dit raakt ons en staat bovenaan de agenda. Het betreft natuurlijk onze kerntaak om alle projecten aan te sluiten op het elektriciteitsnet. Daar staan de regionale netbeheerders voor om dit zo goed en efficiënt mogelijk te doen. Maar het begint te knellen en dat is zichtbaar in de coverage in de media. Reden voor het knellen is dat je voorheen een redelijke voorspelling vooraf kon maken op de benodigde capaciteit. Echter, er zijn momenteel zóveel initiatieven op het gebied van zonne-energie en de investeringen erin nemen zo’n grote vlucht, dat de grootte van deze groei iedereen verrast. We waarschuwen hier al een aantal jaren voor en hebben ook gemeld bij de Minister van Economische Zaken en Klimaat (EZK) dat dit scenario mogelijk zou zijn. Kijk, bij windenergie betreft het altijd een groot project dat jaren aan voorbereiding, inspraak en vergunningen kost. Dat kun je dus goed voorspellen. Zonnepanelen daarentegen zijn binnen een paar maanden gerealiseerd. Deze omloopsnelheden stroken niet met de procedures voor vergunningen waar netbeheerders mee te maken hebben.”

Wat moet er gebeuren om de voetbalclub en de agrariër aan te kunnen sluiten?
“Het is een beheersbaarheidvraagstuk. Hoe gaan we deze grote vraag ordentelijk organiseren? Wij zijn dan ook blij met de goede afspraken in het ontwerp-klimaatakkoord, waaronder de RES (Regionale Energie Strategie)-afspraken en het vooruit kunnen investeren door de netbeheerders. Daarmee kunnen we anticiperen op het creëren van een ‘stopcontact op land’. We zijn met EZK in overleg om dit versneld te kunnen oppakken.”

Welke kansen ziet u voor Nederland op energietransitie-gebied en welke bedreigingen?
“Laat ik met de kansen beginnen. Zoals gezegd zijn wij blij met het voorliggende ontwerp-klimaatakkoord. We moeten ook reëel zijn: met dit akkoord gaan we het klimaatprobleem wereldwijd niet oplossen, maar het is wel een heel goed akkoord waarmee we als Nederland weer voorop kunnen lopen. Wij zijn als geen ander land in staat om met onze elektriciteits- en gassector, technieken, kennis, innovatie en organisatiemodellen een voorsprong te nemen op andere landen. We kunnen daarna dus die opgedane kennis en kunde exporteren en dat is een enorme kans voor Nederland als geheel.

Als bedreiging zie ik dat deze energietransitie als geheel ongelooflijk ingewikkeld is. We zijn al 100 jaar gewend aan fossiele brandstoffen; het zit in ons DNA. Gaan we dus te snel, dan zullen bedrijven in de contramine gaan. Gaan we te langzaam, dan missen we kansen. Het vinden van de goede balans en iedereen meenemen is de grote uitdaging.

Een andere uitdaging die de netbeheerders voelen is de krapte op de arbeidsmarkt en met name het toenemende tekort aan technisch geschoolde vakmensen. Dat geldt natuurlijk niet alleen voor ons, maar ook voor de bouw en installatiebranche. Daarom zijn we met diverse partijen waaronder Bouwend Nederland, Techniek Nederland en de onderwijswereld met een plan bezig. Je kunt het bijna een Masterplan noemen, zo belangrijk is het als we de energieinfrastructuur willen kunnen bouwen. We zijn bezig met ROC’s, zij-instromers, maar ook statushouders. Daar zitten veel goed opgeleide mensen tussen. Dit Masterplan zou ook door de politiek omarmd moeten worden.”

Wat zou je veranderen als je één dag Minister van EZK zou mogen zijn en alles mogelijk is?
“Het eerste wat ik zou veranderen, is dat de netbeheerders de capaciteit van hun netwerk op een flexibele en efficiënte manier mogen gebruiken. Netbeheerders zijn zwaar gereguleerd. Eén eis daarvan is dat je bij iedere aansluiting bekijkt wat de piekbelasting is. Alle pieken bij elkaar van alle aansluitingen moet passen in het netwerk. Echter, aansluitingen gebruiken zelden tot nooit hun piekgebruik. Maar het is een regel die we moeten hanteren. Veel gemakkelijker om flexibel te mogen zijn en dus meer initiatieven aan te sluiten, wetende dat die piek, laat staan van alle aansluitingen tegelijk, nooit realiteit wordt. Met andere woorden, hiervoor zou ik een wijziging in de wet aanbrengen. Staat natuurlijk buiten kijf dat de betrouwbaarheid van het net altijd voor zal blijven gaan. Daar nemen we natuurlijk geen risico mee. Aan de andere kant, als we flexibel gebruik mogen maken van de capaciteit– verslimmen noemen we dat – levert dat zoveel meer capaciteit op, dat we direct tegen de eerder benoemde arbeidskrapte aanlopen. Met andere woorden: ik zou dan ook graag een dagje Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid willen zijn.”

Als bovenstaande niet lukt, wat is het eerste dat moet gebeuren om de energietransitie te versnellen?
“Met duidelijke regionale plannen kunnen we voorspellen en vervolgens verslimmen en optimaliseren. De daarop volgende stap is verzwaren. Daar zijn weer procedures voor: voor vergunningen en inspraak. Deze versnellen zou helpen. Vandaar dat het concept-klimaatakkoord een goede steun in de rug is.”

 

 


U gebruikt een verouderde browser van Internet Explorer die niet meer wordt ondersteund. Voor optimale prestaties raden wij u aan om een nieuwere browser te downloaden. Hiervoor verwijzen wij u door naar:

browsehappy.com sluiten