De Industrial Accelerator Act die de Europese Commissie deze week presenteerde, moet helpen om de Europese industrie uit het slop te trekken. Dat is belangrijk voor het verdienvermogen van Europa, maar ook voor strategische autonomie. De wet lijkt echter niet de fundamentele oplossing waar behoefte aan is. Energie-Nederland gaat zich daarom inzetten dat er bij de wetbehandeling in het Europees Parlement en de Raad meer vraag naar groene industrie en daarmee groene energie ontstaat.
Hoge energieprijzen, exploderende nettarieven en ten opzichte van andere continenten strengere milieuregelgeving maakt het moeilijk voor de Europese industrie om te concurreren. Voorlopig wordt de CO2 reductie dan ook vooral gerealiseerd door sluiting van fabrieken in plaats van grootschalige verduurzaming. Daarmee verplaatst het probleem in plaats van dat het opgelost wordt.
De Industrial Accelerator Act maakt de juiste analyse als het gaat om de benarde situatie van de industrie, maar de concrete acties die daaruit volgen zijn beperkt. Zo wordt wel de vraag naar groene Europese producten verhoogd door eisen aan overheidsaanbestedingen (15% van de vraag), maar blijven deze verplichtingen voor de private markten uit (85% van de vraag).
Catch 22: geen verduurzaming door gebrek aan vraag
Als de industrie niet grootschalig gaat verduurzamen zal ook de vraag naar nieuwe groene elektronen (wind op zee), groene moleculen (waterstof, groen gas) en CO2 opslag uit blijven. Daarmee dreigt Europa in een catch-22 te belanden: industrie gaat niet verduurzamen door gebrek aan klantvraag. En de energiesector kan niet verder met verduurzamen door gebrek aan industrievraag. Dit kan doorbroken worden door bindende normen op eindproducten.
Door normen op te leggen aan de verkoper van het product (de retailer) in plaats van alleen aan de producent, ontstaat er opeens wél vraag naar groene industrie omdat er niet meer omheen gewerkt kan worden met goedkope import. Dat is eerlijker, effectiever én economisch verstandiger. En het mooiste? Consumenten zullen het nauwelijks merken. Grondstofkosten zijn uiteindelijk maar een fractie van de eindprijs. Zelfs een forse vergroening van ketens vertaalt zich in een prijsstijging van ongeveer één procent blijkt uit onderzoek van Deloitte waar mede door Energie-Nederland opdracht toe gegeven is.
Energie-Nederland is blij met de scherpe analyse in de Industrial Accelerator Act, maar er moet een flinke schep bovenop het pakket. Energie-Nederland gaat zich daarom inzetten dat er bij de wetbehandeling in het Europees Parlement en de Raad meer vraag naar groene industrie en daarmee groene energie ontstaat.